Is Jezus God?


Is Jezus God?

God heeft de wil om zijn stempel neer te zetten op de aarde zodat men weet wie Hij is. Heb je er ooit over nagedacht dat onze tijdbepaling wordt aangegeven in jaren voor Christus en jaren na Christus? In het Engels spreekt men van B.C en A.D. Hoe kan dat?
Is er ooit iemand anders geweest die allerlei wonderen en tekenen heeft gedaan? Vervolgens zijn dood en zijn opstanding zeer gedetailleerd heeft voorspelt? En het gebeurde ook zo? Welke God of profeet ken je die dat heeft gedaan? Alle profeten van andere geloven zijn gestorven. Niemand anders is 3 dagen na zijn dood opgestaan en met een hemels lichaam nog 40 dagen hier op aarde gewandeld onder de mensen om zijn macht te laten zien. Mensen hebben Jezus zien opvaren naar de hemel. Jezus is gestorven voor onze zonden en 3 dagen na zijn dood opgestaan. Hij moest ons verzoenen met God omdat door de zondeval scheiding is gekomen tussen de mens en God. Als God’s zoon was hij de perfecte plaatsvervangende offer want hij was zonder zonde. Hij kreeg na zijn opstanding een onvergankelijk hemels lichaam en liet zich daarna aan 500 mensen zien in 40 dagen. Hij kon wat wij nu noemen” tijdreizen”. Hij was zo op de ene plaats en in een ogenblik ergens anders. Hij verdween plotseling voor de ogen van mensen. Zoals dit allemaal gebeurd is, betekent dat het geloof in Jezus Christus feitelijk betrouwbaar is. Het geeft aan dat het aannemen van Jezus Christus de juiste weg naar God is.

Het oude testament gaat over de aankondiging van de Messias. Het nieuwe testament gaat over het leven van de Messias.
Jezus Christus is de Messias

De introductie van Jezus in het nieuwe testament:
Matteus 1 vers 18-25
De geboorte van Jezus
18 De geboorte van Jezus Christus geschiedde aldus. Terwijl zijn moeder Maria ondertrouwd was met Jozef, bleek zij, voordat zij gingen samenwonen, zwanger te zijn uit de heilige Geest.
19 Daar nu Jozef, haar man, rechtschapen was en haar niet in opspraak wilde brengen, was hij van zins in stilte van haar te scheiden.
20 Toen die overweging bij hem opkwam, zie, een engel des Heren verscheen hem in de droom en zeide: Jozef, zoon van David, schroom niet Maria, uw vrouw, tot u te nemen, want wat in haar verwekt is, is uit de heilige Geest.
21 Zij zal een zoon baren en gij zult Hem de naam Jezus geven. Want Hij is het, die zijn volk zal redden van hun zonden.
22 Dit alles is geschied, opdat vervuld zou worden hetgeen de Here door de profeet gesproken heeft, toen hij zeide:
23 Zie, de maagd zal zwanger worden en een zoon baren, en men zal Hem de naam Immanuël geven, hetgeen betekent: God met ons.
24 Toen Jozef uit zijn slaap ontwaakt was, deed hij, zoals de engel des Heren hem bevolen had en hij nam zijn vrouw tot zich.
25 En hij had geen gemeenschap met haar, voordat zij een zoon gebaard had. En hij gaf Hem de naam Jezus.

Jezus zei een aantal dingen die aantonen dat Hij God is. Die uitspraken kun je hieronder lezen.

De uitspraken van Jezus die verwijzen naar zijn God zijn:

Lucas 10 vers 17-20:
17 En de [tweeën]zeventig zijn teruggekeerd met blijdschap en zeiden: Here, ook de boze geesten onderwerpen zich aan ons in uw naam.
18 En Hij(Jezus) zeide tot hen: Ik zag de satan als een bliksem uit de hemel vallen.
19 Zie, Ik heb u macht gegeven om op slangen en schorpioenen te treden en tegen de gehele legermacht van de vijand; en niets zal u enig kwaad doen.
20 Evenwel, verheugt u niet hierover, dat de geesten zich aan u onderwerpen, maar verheugt u, dat uw namen staan opgetekend in de hemelen.

Opmerking: Jezus was erbij toen satan uit de hemel geworpen werd en dat gebeurde voordat de aarde door God in Genesis 1 werd geformeerd. In het evangelie van Johannes 1 wordt hierop doorgegaan( let op het onderstreepte). Er staat:

1 In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God.
2 Het was in het begin bij God.
3 Alles is erdoor ontstaan en zonder dit is niets ontstaan van wat bestaat. Noot [sluiten](1:3-4) en zonder dit is niets ontstaan van wat bestaat. In het Woord was leven – Ook mogelijk is de vertaling: ‘en zonder dit was er niets. Wat bestaat, had leven in het Woord’.
4 In het Woord was leven en het leven was het licht voor de mensen.
5 Het licht schijnt in de duisternis en de duisternis heeft het niet in haar macht gekregen.
6 Er kwam iemand die door God was gezonden; hij heette Johannes.
7 Hij kwam als getuige, om van het licht te getuigen, opdat iedereen door hem zou geloven.
8 Hij was niet zelf het licht, maar hij was er om te getuigen van het licht:
9 het ware licht, dat ieder mens verlicht en naar de wereld kwam.
10 Het Woord was in de wereld, de wereld is door hem ontstaan en toch kende de wereld hem niet.
11 Hij kwam naar wat van hem was, maar wie van hem waren hebben hem niet ontvangen.
12 Wie hem wel ontvingen en in zijn naam geloven, heeft hij het voorrecht gegeven om kinderen van God te worden.
13 Zij zijn niet op natuurlijke wijze geboren, niet uit lichamelijk verlangen of uit de wil van een man, maar uit God.
14 Het Woord is mens geworden en heeft bij ons gewoond, vol van goedheid en waarheid, en wij hebben zijn grootheid gezien, de grootheid van de enige Zoon van de Vader.
15 Van hem getuigde Johannes toen hij uitriep: ‘Hij is het over wie ik zei: “Die na mij komt is meer dan ik, want hij was er vóór mij!”’
16 Uit zijn overvloed zijn wij allen met goedheid overstelpt.
17 De wet is door Mozes gegeven, maar goedheid en waarheid zijn met Jezus Christus gekomen.
18 Niemand heeft ooit God gezien, maar de enige Zoon, die zelf God is, die Noot [sluiten](1:18) de enige Zoon, die zelf God is, die – Andere handschriften lezen: ‘de enige Zoon, die’.aan het hart van de Vader rust, heeft hem doen kennen.

Matteus 7:21
21 Niet een ieder, die tot Mij zegt: Here, Here, zal het Koninkrijk der hemelen binnengaan, maar wie doet de wil mijns Vaders, die in de hemelen is.
22 Velen zullen te dien dage tot Mij zeggen: Here, Here, hebben wij niet in uw naam geprofeteerd en in uw naam boze geesten uitgedreven en in uw naam vele krachten gedaan?
23 En dan zal Ik hun openlijk zeggen: Ik heb u nooit gekend; gaat weg van Mij, gij werkers der wetteloosheid.

Johannes 10: 30-39
Ik en de Vader zijn één.
31 De Joden droegen weder stenen aan om Hem te stenigen.
32 Jezus antwoordde hun: Ik heb u vele goede werken doen zien vanwege mijn Vader; om welk van die werken wilt gij Mij stenigen?
33 De Joden antwoordden Hem: Niet om een goed werk willen wij U stenigen, maar om godslastering en omdat Gij, een mens, Uzelf God maakt.
34 Jezus antwoordde hun: Is er niet geschreven in uw wet: Ik heb gezegd: Gij zijt goden?
35 Als Hij hén goden genoemd heeft, tot wie het woord Gods gekomen is, en de Schrift niet kan gebroken worden,
36 zegt gij dan tot Hem, die de Vader geheiligd en in de wereld gezonden heeft: Gij lastert, omdat Ik heb gezegd: Ik ben Gods Zoon?
37 Indien Ik de werken mijns Vaders niet doe, gelooft Mij niet,
38 doch indien Ik ze doe en gij Mij toch niet gelooft, gelooft dan de werken, opdat gij weten en erkennen moogt, dat de Vader in Mij is en Ik in de Vader.
39 Zij trachtten Hem dan weder te grijpen, maar Hij ontkwam uit hun handen.

Matteus 11:27
27 Alle dingen zijn Mij overgegeven door mijn Vader en niemand kent de Zoon dan de Vader, en niemand kent de Vader dan de Zoon en wie de Zoon het wil openbaren.
28 Komt tot Mij, allen, die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven;
29 neemt mijn juk op u en leert van Mij, want Ik ben zachtmoedig en nederig van hart, en gij zult rust vinden voor uw zielen;
30 want mijn juk is zacht en mijn last is licht.

1 johannes 2:23
23 Een ieder, die de Zoon loochent, heeft ook de Vader niet. Wie de Zoon belijdt, heeft ook de Vader. 24 Wat u betreft, wat gij van den beginne gehoord hebt, moet in u blijven. Indien in u blijft, wat gij van den beginne gehoord hebt, dan zult gij ook in de Zoon en [in] de Vader blijven. 25 En dit is de belofte, die Hij zelf ons beloofd heeft: het eeuwige leven.

1 johannes 5:11-12
12 Wie de Zoon heeft, heeft het leven; wie de Zoon van God niet heeft, heeft het leven niet.

Lukas 22: 66-71
66 En toen het dag geworden was, kwam de Raad van de oudsten van het volk bijeen, overpriesters en schriftgeleerden, en zij leidden Hem voor hun Raad,
67 en zeiden: Indien Gij de Christus zijt, zeg het ons dan. Hij zeide tot hen: Al zeide Ik het u, gij zoudt het toch niet geloven;
68 en al zou Ik u vragen, gij zoudt toch niet antwoorden.
69 Van nu aan zal de Zoon des mensen zijn gezeten aan de rechterhand Gods.
70 En zij zeiden allen: Zijt Gij dan de Zoon van God? Hij zeide tot hen: Gij zegt zelf, dat Ik het ben.
71 En zij zeiden: Wat hebben wij verder voor getuigenis nodig? Zelf hebben wij het immers uit zijn mond gehoord.

Johannes 6:45-51
45 Er is geschreven in de profeten: En zij zullen allen door God geleerd zijn. Een ieder, die het van de Vader gehoord en geleerd heeft, komt tot Mij.
46 Niet, dat iemand de Vader gezien heeft; alleen die van God komt, die heeft de Vader gezien.
47 Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Wie gelooft, heeft eeuwig leven.
48 Ik ben het brood des levens.
49 Uw vaderen hebben in de woestijn het manna gegeten en zij zijn gestorven;
50 dit is het brood, dat uit de hemel nederdaalt, opdat wie ervan eet, niet sterve.
51 Ik ben het levende brood, dat uit de hemel nedergedaald is. Indien iemand van dit brood eet, hij zal in eeuwigheid leven; en het brood, dat Ik geven zal, is mijn vlees, voor het leven der wereld.

Jezus is de Weg, de Waarheid en het Leven

Bijbel en Winti

Bijbel en Winti

Jezus en Winti’s

Jezus en Winti